Interview in Cul

 

Onlangs ontvingen wij het verzoek tot een interview ...alweer... Dit maal kwam de uitnodiging van het antropologisch tijdschrift; Cul*

Maar nadat er een bijna gestandaardiseerde email retour ging met het verhaal dat een interview op zich geen probleem is maar dat ze geen verhaal moeten verwachten zoals we kennen van het programma Doomsday Preppers op National Geograpic kregen wij een aller aardigst e-mailtje terug waarin beweerd werd dat dat ook zeker niet de insteek van het interview was. Sterker nog... Het zal een serieus artikel worden waarin preppers op een serieuze manier benaderd zouden worden en vanuit een oprechte interesse.  

Enigszins blij verrast door de reactie (95% van de "geïnteresseerde" haakt hier altijd af) gingen wij akkoord met een afspraak. Binnen enkele dagen was het interview een feit. En nu ligt het tijdschrift op de keukentafel... en vinden wij het geweldig! Wat jij!?

Lees het artikel op de website van Cul

of lees hier verder...

In de ban van doemscenario’s en blikvoer?

Op bezoek bij The Dutch Prepper

  • Tekst: Nina Eshuis
  • Beeld: Josia Brüggen

Het duurt niet lang meer, of de wereld zag eindigen. Terreur van IS, crisis in de financiële sector of het zikavirus: het zijn allemaal potentiële rampen. Daar moet je je op voorbereiden, dat gelooft de prepper althans. Een prepper vult in het geheim kelders vol blikvoer en heeft een watervoorraad waar een gemiddeld Afrikaans dorp een week van zou kunnen leven. Een prepper is gewoon een gekkie, toch? Almar Tolsma, beheerder van webshop en blog The Dutch Prepper, bewijst het tegendeel.

In een keurige gezinswoning in de buurt van Hoorn woont Almar, een toegankelijke en goedlachse man, met vrouw en twee kinderen, twee cavia’s en een poes. De vraag waarom Almar ‘voorbereid’ is, zoals hij het zelf liever noemt, krijgt hij vaker. Dat merk je: hij heeft meteen een antwoord paraat. Hij geeft een grote stroomstoring in maart vorig jaar als voorbeeld, waarbij ongeveer een miljoen huishoudens zonder stroom zaten. ‘Mensen stonden ineens in paniek voor een dichte supermarkt, omdat ze diezelfde avond niet eens fatsoenlijk konden eten’, aldus Almar. ‘Iedereen heeft een spaarrekening voor onvoorziene uitgaven, dit is in feite hetzelfde, maar dan next-level.’ Almar schudt het gekkie-imago van de prepper al snel van zich af: ‘Ik geloof niet in het einde van de wereld, ik ben niet bang dat het dusdanig uit de klauwen loopt dat hier een of andere ramp gebeurt.’ Almar houdt voet bij stuk: preppers zijn geen gekkies. ‘Ik vind het gewoon fijn om te weten dat ik voor mijn gezin kan blijven zorgen als er wat gebeurt.’

Geheime praktijken

De voorraad van Almar is ook niet conform het extreme gekkie-imago. Almar heeft een voorraad in zijn schuur waar hij het naar eigen zeggen een dag of vijf, zes mee kan uithouden. Ook heeft hij standaard een noodpakketje in de auto liggen. Maar het preppen is niet alleen voedsel inslaan, het draait ook om survivaltechnieken en handige gadgets. Zo heeft iedere serieuze prepper bijvoorbeeld wel een bug-out location, een plek om naartoe te gaan als er toch een doemscenario werkelijkheid wordt. Veel preppers zijn actief op het internet om ervaringen te delen op fora. Daar is Almar handig op ingesprongen; hij startte een eigen website inclusief webshop onder de naam van The Dutch Prepper. In zijn webshop staan producten die in een noodsituatie van pas kunnen komen zoals waterfilters, een opwindbare radio of draagbare zonnepanelen. Maar ook kruisbogen, noodrantsoen en stormlampen zitten in het assortiment. En die webshop loopt best goed: ‘In november en december was het gewoon druk, toen heb ik bijna elke dag wel een pakketje verzonden.’ 

Het aantal preppers in Nederland is lastig in te schatten, want dat preppen veelal in het geheim gebeurt, blijkt wel degelijk waar te zijn. Als er namelijk iets gebeurt, is het niet echt wenselijk dat de hele buurt bij je komt aankloppen. Almar is echter niet zo terughoudend: ‘Heel simpel, ik heb er zakelijk natuurlijk ook wat aan’, zegt hij lachend. ‘En daarbij, met een groep sta je toch sterker.’ Preppers houden hun voorbereidingen niet alleen stil naar de buitenwereld, ook onder elkaar is er, op fora na, niet veel contact. Toch denkt Almar dat het er meer zijn dan je zou denken. Een indicatie: het grootste forum preppers.nl, dat inmiddels gestopt is, had wel zo’n vierduizend gebruikers. En dat het preppen populairder wordt, is duidelijk. Na de gebeurtenissen in Parijs was het op de website van Almar ineens een stuk drukker: ‘De bezoekersaantallen op de website stegen met wel vierhonderd procent. Zijn mensen er tóch mee bezig’, vervolgt hij. ‘Mensen zijn toch op zoek naar iets om je veiliger te voelen.’

Gekkie of nie?

Er rest nog één vraag: stel de wereld eindigt, het zikavirus grijpt ons allen, de banken storten in, IS bombardeert heel West-Europa kapot. Wil je dan überhaupt nog wel doorleven? ‘Ja natuurlijk’, zegt Almar, ‘ik ben dol op het leven!’ Hij vervolgt: ‘Ik ben dusdanig gek op het leven dat ik ben voorbereid.’ Het antwoord kwam niet als een verassing, deze instelling had het decoratieve bordje met de tekst ‘Happiness is not a destination, it is a way of life’, dat in het keukenraam staat, eigenlijk ook al verraden. Is preppen nou echt extreem, of is het ook ergens wel rationeel? Voor preppers geldt in ieder geval: wie het laatst lacht, lacht het best.

* Cul is het tijdschrift van de opleiding Culturele Antropologie en Ontwikkelingssociologie aan de Universiteit van Amsterdam.